Gestommel op zolder in de herfst: is het een steenmarter en wat mag je doen?

Inhoudsopgave
We baseren ons op de informatie van het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD), het Nederlandse kenniscentrum voor plaagdieren.
Marter of muis? Zo hoor je het verschil
Muizen maken een fijn geluid. Je hoort geknaag en getrippel, vaak verspreid over de avond en de nacht, en het klinkt licht. Hoe je muizen op zolder herkent en aanpakt, lees je in ons stuk over muizen op zolder.
Een steenmarter is een heel ander formaat. Het KAD vergelijkt hem met een slanke kat met korte poten. Dat hoor je. Het geluid is zwaarder, met gebonk, gesleep en soms gekrijs. Opvallend is ook het tijdstip. Volgens het KAD jaagt de marter ’s nachts en gaat hij tegen een uur of vier, vijf in de ochtend spelen. Tennisballen, doppen en eieren rollen dan over de zoldervloer. Die vroege herrie is een van de duidelijkste aanwijzingen.
Sporen die een steenmarter achterlaat
Geluid alleen is niet genoeg om zeker te zijn. Kijk daarom ook naar wat je vindt als je overdag de zolder op gaat.
- Keutels op één plek. Een marter gebruikt een vaste poepplek, een latrine. Het KAD beschrijft de uitwerpselen als 8 tot 10 centimeter lang, 10 tot 12 millimeter dik en gedraaid, met een punt aan het eind. Muizenkeutels zijn een paar millimeter en liggen verspreid.
- Stank. Urine, keutels en geurvlaggen geven een doordringende lucht. Prooiresten die blijven liggen maken het erger en trekken ook vliegen aan.
- Kapot isolatiemateriaal. Marters graven zich in tussen dakbeschot en isolatie. Losgetrokken plaatmateriaal, plukken wol of brokjes piepschuim zijn een teken.
- Verschoven dakpannen. Van buiten zie je soms een pan die niet meer goed ligt, vaak in de onderste rijen bij de dakgoot.
- Doorgebeten kabels. Op zolder of in de kruipruimte kan een marter leidingen aanvreten. Hetzelfde gebeurt onder de motorkap van auto’s.
Twijfel je, laat dan een deskundige kijken. Bij een marter maakt de soort uit voor wat je mag doen, en een verkeerde inschatting kan je duur komen te staan.
Wat mag je wel en niet bij een steenmarter?
Hier zit het grote verschil met muizen en ratten. De steenmarter is in Nederland beschermd onder de Omgevingswet. Volgens het KAD betekent dat dat je hem niet mag vangen of doden. Je mag hem ook niet opzettelijk verstoren, en zijn voortplantings- en rustplaats mag je niet opzettelijk beschadigen of vernielen. Overtreding geldt als economisch delict, met boetes die volgens het KAD in de duizenden tot tienduizenden euro’s kunnen lopen.
Dat heeft praktische gevolgen.
- Geen klem, geen kooi, geen gif. Ook geen val die “alleen even vangt” om het dier verderop los te laten.
- Niet zelf het gat dichtmaken terwijl de marter binnen zit. Dan sluit je hem op, en je vernielt zijn rustplaats.
- Niet zelf verjagen met lawaai of geurmiddelen als hij er al woont. Het KAD noemt de radio op zolder wel als bekend trucje, maar zegt ook dat marters er snel aan wennen.
Heb je echt overlast van een marter in huis, neem dan contact op met de provincie. Die kan in uitzonderlijke gevallen een ontheffing verlenen. Soms loopt dat via de gemeente. Ook met ontheffing mag alleen een gecertificeerd en erkend bedrijf de marter verjagen. Hoe je een goede bestrijder kiest, lees je in onze tips voor het inschakelen van een ongediertebestrijder.
Eerlijk is eerlijk, die regels voelen omslachtig als je al weken slecht slaapt. Maar de marter ruimt ook muizen en ratten op, en de enige oplossing die blijft werken is de toegang dicht. Daar kun je zelf veel aan doen.
Zo maak je je huis marterdicht
Volgens het KAD hangt het binnenkomen van een marter vrijwel altijd samen met een bouwkundig gebrek. Een opening van 8 tot 9 centimeter is genoeg. De marter klimt via een schutting, boom of houtstapel naar de dakgoot, duwt een pan omhoog en kruipt via de spouw naar de zolder. Dat zijn ook de plekken waar je wering begint.
- Zet de onderste pannen vast. Het KAD adviseert vooral de eerste twee rijen pannen met roestvrijstalen schroeven vast te zetten, zodat een marter ze niet kan optillen.
- Sluit het dakbeschot aan. De afwerking moet strak tegen de muur zitten, liefst met een metalen hoeklijst eronder.
- Haal de opstap weg. Snoei takken die tegen de gevel of het dak hangen, en zet geen houtstapel of container vlak onder de goot.
- Dicht kieren en gaten. Loop de gevel, het boeiboord en aansluitingen bij de schoorsteen na. Alles vanaf zo’n 8 centimeter is een ingang.
- Rieten dak? Het KAD noemt fijnmazig gaas over het riet als beste wering, met extra aandacht voor bochten.
Doe dit werk op een moment dat je zeker weet dat er geen marter binnen zit, of laat het na een verjaging door een erkend bedrijf doen. Werk je op hoogte, zorg dan voor een goede ladder en iemand die meekijkt.
Benodigdheden
- Roestvrijstalen schroeven of panhaken voor dakpannen
- Metalen hoeklijst of strip voor het dakbeschot
- Gegalvaniseerd gaas met kleine mazen
- Snoeischaar of takkenzaag
- Stevige ladder en werkhandschoenen
Het meeste vind je bij een bouwmarkt als Gamma, Praxis of Karwei. Speciale dakhaken krijg je ook bij een dakdekker of bouwmaterialenhandel. Twijfel je over werken op het dak, laat het dan een dakdekker doen. Die ziet meteen waar de zwakke plekken zitten.
Een plek voor de marter buiten
Het KAD noemt nog een minder bekende tip. Geef de marter een alternatief, bijvoorbeeld een grote takkenhoop van snoeihout achter in de tuin. Een marter die buiten een droge plek vindt, heeft minder reden om je zolder op te zoeken. Houd ook kippen- en duivenhokken goed dicht met fijnmazig gaas, want die trekken marters aan.
Kort samengevat hoor je een marter vooral vroeg in de ochtend, vind je grote gedraaide keutels op één plek en mag je hem niet zelf vangen of wegjagen. Bel bij overlast de provincie en maak je huis daarna zo dicht dat hij niet terugkomt.





