Deze acht planten snoei je in de herfst beter niet

Inhoudsopgave
Waarom snoeien in de herfst vaak verkeerd uitpakt
Een snoeiwond is een open deur. In het najaar is het vochtig en koel, en dan herstelt die wond langzaam. Schimmels krijgen zo de kans om binnen te komen. Daarnaast prikkelt snoeien sommige planten om nog nieuwe scheuten te maken, en die jonge groei is precies wat bij de eerste nachtvorst bevriest.
Volgens Gardeners’ World haal je bovendien voedsel en schuilplekken weg voor insecten en vogels, en die houden je tuin juist gezond. En wie alles kaal knipt, kijkt de hele winter tegen een lege tuin aan. Wij vinden dat laatste eerlijk gezegd een onderschatte reden. Een tuin met zaadhoofden, grassen en bessen ziet er in januari levendiger uit dan een keurig opgeruimde.
De acht planten die je nu laat staan
1. Laurierkers
Laurierkers wordt na een herfstsnoei gevoelig voor vorstschade, de verse snijvlakken en de bladeren eronder vangen dan de kou. Wel snoeien in het late voorjaar of de vroege zomer, als de plant goed in de groei zit.
2. Steenvruchtbomen
Kers, pruim, perzik en abrikoos zijn gevoelig voor loodglans. Die schimmelziekte wordt veroorzaakt door de paarse korstzwam, die in de herfst bij vochtig weer sporen maakt en via verse wonden de boom binnendringt. De bladeren krijgen dan een loodgrijze glans, vandaar de naam. Wel snoeien in de zomer, op een droge dag, zodat de wonden snel dichtgaan. Dat is ook de gangbare raad voor fruitbomen uit deze groep.
3. Rododendrons en azalea’s
Ook deze struiken zijn gevoelig voor vorst. De bovenste bladeren vormen een natuurlijke isolatielaag voor de rest van de plant, en die knip je bij een herfstsnoei weg. Wel snoeien in juli, na de bloei. Dan zet de plant daarna nog nieuwe knoppen voor volgend jaar.
4. Siergrassen
Veel siergrassen kunnen slecht tegen kou. Het oude loof beschermt het hart van de pol, waar in het voorjaar de nieuwe uitlopers uit komen. Knip je het nu af, dan lopen die jonge scheuten makkelijker schade op. Wel snoeien in het voorjaar, zodra je onderin het eerste groen ziet. Tot die tijd heb je berijpte pluimen in de tuin, en dat is in de winter een van de mooiste dingen die er zijn.
5. Sierlijke winterstruiken
Sommige struiken kun je technisch gezien prima snoeien, maar dan mis je hun beste seizoen. Rode kornoelje is het bekendste voorbeeld. In de winter kleuren de takken oranje tot knalrood. Wel snoeien aan het eind van de winter, als de kleur zijn werk heeft gedaan. Juist de jonge takken kleuren het mooist, dus een flinke snoei in het voorjaar levert volgende winter weer felle stengels op.
6. Camellia, mahonie en forsythia
Bij deze struiken zitten de bloemknoppen er nu al op. Camellia bloeit in de winter, mahonie en forsythia vroeg in het jaar. Snoei je ze nu, dan knip je die knoppen weg en blijft de struik begin volgend jaar kaal. Wel snoeien direct na de bloei. Dan heeft de plant de rest van het seizoen om nieuwe bloeitakken te maken.
7. Hortensia
De uitgebloeide bruine bloemen van een boerenhortensia zien er misschien slordig uit, maar ze beschermen de knoppen eronder tegen vorst. Wel snoeien in het voorjaar, wanneer de plant begint uit te lopen. Bij welke soort je hoe ver terugknipt, lees je in ons stuk over wanneer je een hortensia snoeit. Wie de bloemen toch binnen wil hebben, kan er een paar afknippen en drogen voor een boeket.
8. Klimop
Volwassen klimop bloeit van september tot soms in december en is daarmee een van de belangrijkste najaarsplanten voor bijen en andere bestuivers. Daarna volgen de bessen, waar vogels in de winter op teren. Wel snoeien pas in het voorjaar, als de bessen op zijn. Jonge klimop bloeit nog niet. Moet die in toom gehouden worden, dan kan dat nu wel, voordat de vorst komt.
Wat je in de herfst wel kunt doen
Niet snoeien betekent niet dat je niets doet. Haal dode, zieke of gebroken takken weg, die mogen er altijd uit, ook nu. Hark bladeren van het gazon, maar schuif ze onder struiken en in de border, waar ze de grond beschermen en voedsel geven aan het bodemleven. Hoe je dat netjes aanpakt, staat in ons stuk over een border mulchen. En laat zaadhoofden van vaste planten zoals zonnehoed en hemelsleutel gewoon staan tot het voorjaar.
Gebruik de rustige maanden ook om je gereedschap op orde te brengen. Een scherpe, schone snoeischaar maakt gladde wonden die sneller herstellen, en dat geldt in elk seizoen. Maak de bladen schoon, slijp ze bij en bewaar de schaar droog. Wie in het voorjaar met goed gereedschap begint, heeft de helft van het snoeiwerk al gewonnen.





